Cultuur en kernen

 

De Achterhoek is het meest oostelijke deel van de provincie Gelderland. De streek wordt aan de westzijde begrensd door de rivier de IJssel. In het noorden grenst de streek aan Twente en Salland. In het oosten en zuiden is de landsgrens met Duitsland de rand van het gebied. De Achterhoek is dichterbij dan menigeen vaak denkt. Vanaf Utrecht ben je in een uurtje in het hart van de Achterhoek!

Zodra je de rivier de IJssel over bent en zo’n Achterhoeks landweggetje volgt merk je het direct. De weg is niet recht. Hij slingert. Langs grote bomen, door bossen en om boerderijen heen. Je krijgt om de zoveel meter telkens een ander uitzicht. Soms is het een bosrand, dan weer zijn het akkers. Het is niet Hollands meer. Nee, je ziet al rijdend de boerderijen verdwijnen achter houtwallen en boomgroepen en er lopen golvingen tot aan de horizon. En plots heb je weer een vergezicht. Het lijkt net een toneel met verschillende coulissen. Dat is waarom het landschap van de Achterhoekwel een coulisselandschap wordt genoemd. Het is er nog steeds. Het werd in vele honderden jaren door de boerenbevolking opgebouwd en ingericht. 

Al in de prehistorie werd de Achterhoek bewoond. Uit prehistorische vondsten blijkt dat de eerste bewoners jagers waren. Later werd het gebied vooral bewoond door landbouwers. Nog steeds is landbouw een belangrijke inkomstenbron voor de streek, maar ook het toerisme heeft aan terrein gewonnen. De Achterhoek is het grootste wijnbouwgebied van Nederland.
De streek staat bekend om de vele kastelen. Tijdens de Gelderse Oorlogen en de Tachtigjarige Oorlog is er veel gevochten in de Achterhoek. Er werd gestreden om onder andere Huis Bergh, Kasteel Keppel en de steden Bredevoort en Groenlo. In de vestingstad Groenlo, die 21 jaar lang door de Spanjaarden bezet werd, is de historie opnieuw tot leven gebracht.

De meeste kastelen worden bewoond door nazaten van de oorspronkelijke eigenaren. Een aantal Achterhoekse kastelen is opengesteld voor publiek. Door de vruchtbare grond in de Achterhoek, zijn door de eeuwen heen prachtige tuinen aangelegd. Deze tuinen bevinden zich op of rond de landgoederen en ook bij boerenhoeves of in de historische stadskernen. In de Achterhoek wordt 'plat' gesproken. Dit eigen dialect is een variant van het Nedersaksisch: het Achterhoeks. Dankzij bands als Normaal en Jovink en de Voederbietels werd het Achterhoeks bekend in heel Nederland. Het aantal inwoners dat alleen Achterhoeks spreekt, wordt echter steeds kleiner.


De Achterhoek heeft bijna twaalfduizend hectare bos; dat is acht procent van de totale oppervlakte. Het zijn over het algemeen loofbossen, in alle soorten en maten, soms van een eerbiedwaardige ouderdom. Veel van die bossen horen bij landgoederen maar er staan ook nogal wat boomgroepen en houtwallen langs akkers, weilanden en beken.



Ogenblik a.u.b. ...